Posts tonen met het label ondernemen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ondernemen. Alle posts tonen

woensdag 10 januari 2018

“Gedoe komt er toch”






“Ik gun de overheid de burgers te leren kennen. Dat is iets anders dan het beste resultaat voor iedereen. Je moet niet praten, je moet doen. Beginnen en dan pas bezinnen. Andersom is geen garantie van succes.”


‘Stand up-filosoof’ Martijn Aslander was op 7 december te gast bij de eindejaarsbijeenkomst van Bevolkingszorg in de Nieuwe Bibliotheek in Almere. Hij laat zien welke kansen continue veranderingen, netwerken en technologie bieden. Samen met Erwin Witteveen schreef hij ‘Easycratie’. Al zijn boeken kun je gratis downloaden. Daarnaast is hij de bedenker van onder meer #durftevragen.

Zelf heeft Aslander nog nooit een baan of uitkering gehad en ook nooit een studie afgemaakt. Toch runde hij op zijn 17de runde al een buitensportzaak met zestig mensen, vanuit de klas: hij verzorgde personeelsuitjes met wat hij bij de padvinders had geleerd. Op zijn 27ste was hij alles weer kwijt. Hij bleef optimistisch: “Als je alles kwijt bent, kan er niet zoveel meer misgaan” en ging een hunebed bouwen. “Het grootste ooit”, met de hand. In 2002 kreeg hij een miljoen euro van sponsoren en lokale overheden en hielpen 14.000 mensen hem zijn idee voor elkaar te krijgen: “Samen een stapel stenen bouwen is veel leuker dan ernaar kijken.” Dat verhaal vertelde hij vervolgens overal, op verzoek.

Organizonder
Dit jaar is hij al dertig jaar ondernemer. De kern van zijn onderneming: hoe kun je op een slimme manier technologie inzetten om je slagkracht te vergroten? Aslander noemt het ‘organizonder’: organiseren zonder papierwerk. “Alle organisaties zijn gebaseerd op werken met je handen. We hebben eigenlijk geen flauw idee van kenniswerken, wat we tegenwoordig vooral doen. Een derde van de mensen is ’s avonds op zijn best, maar staat elke dag weer in de file. Je kunt niet acht uur per dag met je hoofd werken. We zitten in een maffe transitiefase. De meesten gebruiken de computer als een moderne typemachine. Ze doen dubbel werk en mailen vooral elkaar.”


Lifehacking
In 2007 begon hij met lifehacking. “Vijf miljoen kenniswerkers gebruiken de tools die ze hebben niet op een handige manier. We moeten organisaties en werk anders gaan organiseren. Maar eigenlijk zijn we al te laat.” De verandering is immers al gaande: “Social media zijn een hefboom voor het zelforganiserend vermogen van groepen. Leiderschap is doen wat juist is, ongeacht de consequenties. Alle grote maatschappelijke vraagstukken zijn in de basis bureaucratische vraagstukken. De kennis is er, de wil, de mensen, maar de bureaucratie hindert dat. Het is killing voor de motivatie van mensen. Easycratie kan een oplossing zijn.”


‘Winter is coming’
Er is een kloof tussen de politiek-bestuurlijke en de maatschappelijke werkelijkheid, ziet Aslander. En een kloof tussen stakeholders en de afdeling ICT. “Technologie is het bestaansrecht van organisaties compleet aan het wegvagen. Binnen nu en vijf jaar moeten we veranderen, anders zijn we er geweest. ‘Winter is coming’.” Daarom schreef hij ‘Nooit af’, het vervolg op ‘Easycratie’. “Er zou een logisch verband moeten bestaan tussen organisaties en organiseren. Waartoe zijn organisaties op aarde? Organisaties bestaan bij de gratie van het kapitaliseren van de vraag-aanbodfrictie: de markt. De overheid bestaat bij de gratie van een frictie tussen een maatschappelijk probleem en een oplossing.”


Toegang
Aslander voorziet dat die frictie de komende jaren steeds kleiner wordt of verdwijnt. Zowel op de markt, denk aan taxibedrijven, hotels en banken, als bij de overheid. “Dankzij technologie worden tussenpersonen ertussenuit gehaald of hun rol in elk geval een stuk kleiner gemaakt. En de komende tien jaar krijgt de overheid steeds minder geld. Want we kopen steeds minder dingen: we kopen toegang. De netwerksamenleving draait daarop. Het netwerkeffect is een grote veranderkracht. Hoe meer knooppunten, hoe meer verbindingen, hoe krachtiger, hoe sneller de veranderingen.”


Pokemon GO
Als voorbeeld van dit cumulatieve effect noemt hij Pokemon GO: “750 miljoen mensen die binnen drie maanden iets nieuws omarmen. Het meest succesvolle anti-obesitasproject ooit! Ze zetten meer dan 2.000 stappen per dag extra en zijn buiten. Dankzij augmented reality en smartphones met steeds groter bereik, steeds meer functies en apps.”
Inmiddels heeft Apple samen met Ikea het grootste augmented reality-project tot nu toe gerealiseerd voor de herinrichting van je huis. Je kunt zelf de meubels visueel aanpassen en direct de nieuwe gewenste meubels bestellen. En ook in het beroepsonderwijs of voor handleidingen gaat deze technologie een grote vlucht nemen, voorspelt Aslander. “Op dit moment zijn er een stuk of dertig krachten die een grote rol gaan spelen in de veranderingen. Denk aan bio- en nanotechnologie, sensors, robotica, 3D-printing, bitcoins, cryptocurrency, blockchain, sociale zwermen, etc..”

Puzzel
“Elk probleem op deze planeet is een puzzel. Daar heb je puzzelaars, puzzelstukjes en een puzzel voor nodig. Toegang in plaats van bezit betekent dat ook macht aan het veranderen is, onder invloed van deze mechanismes.” De volgende stap na de netwerksamenleving is de zwerm. “Beweging is permanent in de driehoek wetenschap-technologie-creatie.”
Hij waarschuwt: “We geven in Nederland miljarden uit aan oplossingen die we gratis kunnen krijgen van betrokken burgers in zeer korte tijd. Met alle regels halen we zoveel taakautonomie weg, dat je de bedoeling kapotmaakt.”


Hij adviseert het gefaseerd aan te pakken. Bijvoorbeeld door een werkloze IT’er niet naar het UWV te sturen, maar hem te vragen een computerprobleem bij de gemeente op te lossen. Ook voor de problemen die daarbij kunnen ontstaan, vinden we wel weer een oplossing: “‘The man who says it can’t be done is useally interupted by the man who’s doing it’. Gedoe komt er toch. Kies het scenario waarbij mensen zoveel mogelijk autocratie hebben en dat zo min mogelijk geld kost. Leer hoe het beter kan, zeg niet hoe het niet kan.”
Bernadet Timmer
Communicatie

woensdag 14 december 2016

Het evangelie volgens Tony’s Chocolonely


Het begon met een klein, kritisch clubje journalisten en groeide uit tot een belangrijke speler in de wereldwijde chocolade-industrie. “Als je denkt dat iets kleins geen verschil kan maken, probeer dan eens je kamer te delen met een mug. Wij zijn de mug in de chocolade-industrie.”

Ynzo van Zanten is ‘choco-evangelist’. Hij vertelt het verhaal over het maatschappelijk verantwoord ondernemen van Tony’s Chocolonely aan iedereen die het maar horen wil. Zoals op 8 december tijdens een bijeenkomst van Communicatieplatform Flevoland, in het naar drukinkt ruikende gebouw van Multicopy Lelystad.
“Ik denk dat ik misschien wel de mooiste job van de wereld heb”, zegt Ynzo. Niemand zet chocolade op zijn boodschappenlijstje, maar aan het eind van je ronde door de winkel kom je zelden zonder een reep te pakken langs zo’n impulsschap. “Of je nu iets te vieren hebt of juist een baggerweek hebt gehad, chocola kan altijd. Chocola heeft dezelfde erestatus als eieren: je legt ze altijd bovenop de boodschappen in je tas. In de auto, bij het eerste stoplicht, begint de reep te fluisteren en bij de tweede gaat ‘ie schreeuwen. Je begint er al aan voor je thuis bent.” Hij deelt chocoladerepen uit en waarschuwt meteen: “De komende twintig minuten ga ik je verantwoordelijk maken voor dit verhaal.”
Moderne slavernij
De grootste bulk komt uit West-Afrika, vaak van kleine boerderijtjes. En aan de andere kant van de keten wachten miljoenen consumenten. Maar in het midden zitten maar tien bedrijven die cacao verwerken. Daardoor weten ze de prijs kunstmatig laag te houden. Dat betekent 12 cent voor de boeren per reep. Veel te weinig om van te leven.
Circa 60%van de cacao komt uit Ghana en Ivoorkust. 2,5 miljoen boeren werken daar op cacaoplantages, waarvan zo’n 1,8 miljoen kinderen. Ten minste 460.000 van die boeren werken gedwongen en/of zonder betaling. Ynzo: “Het is moderne slavernij voor een luxeproduct. En dan hebben we het nog niet eens over de mode-, shipping- of seksindustrie.” In 2001 werd het Harkin-Engel Protocol getekend: een internationaal verdrag gericht op het beëindigen van de ergste vormen van kinder- en gedwongen arbeid in de cacaoproductie in Ivoorkust en Ghana. Het protocol was een reactie op een BBC-documentaire over kinderslavernij en –handel daar.
Chocoladecrimineel
In 2004 onderzocht Teun van de Keuken van de Keuringsdienst van Waarde wat hiervan terecht was gekomen bij de grote cacaoproducenten. Ynzo: “Alle poorten gingen dicht.”
Daarop besloot Teun zich aan te geven als ‘chocoladecrimineel’. “Want als je weet van criminele activiteiten in een waardeketen, dan ben je schuldig aan heling.” De politie pakte hem uiteindelijk op. Hij kreeg een advocaat die hem de gevangenis ín moest krijgen. Maar de rechter oordeelde dat hij weliswaar moreel gelijk had, maar dat juridisch het verband niet kon worden aangetoond tussen de cacao en de gegeten repen. Daarna veranderde Teun zijn strategie: hij maakte zelf chocoladerepen.
Ongelijk verdeeld
De eerste repen waren van melkchocolade en kregen een rode – alarmerende – kleur wikkel. Omdat voor puur een andere kleur nodig was, werd die blauw. De blokjes op de repen zijn ongelijk verdeeld. Ynzo: “Heel veel mensen mailden ons daarover. Ons verhaal staat aan de binnenkant van de wikkel, maar we hebben iedereen die er een vraag over stelde gebeld en het verhaal uitgelegd.” Het is niet alleen omdat het ongelijk verdeeld is in de wereld, maar de stukjes vertegenwoordigen deels ook de landen in West-Afrika waar de cacao vandaan komt.
Slaafvrij
Net als groene en grijze energie zijn fairtrade- en andere chocolade echter moeilijk uit elkaar te houden. En: als je fairtrade-chocolade eet, heb je nog geen slaafvrije chocola. Ynzo: “Alle fairtrade-cacaobonen worden op één hoop gegooid. Wij wilden de cacao traceerbaar maken en daarmee het goede voorbeeld geven. Daarom werken we direct samen met cacaocorporaties in Ghana en Ivoorkust. Dat zijn 5.400 boeren. Dat betekent een hogere prijs (20% bovenop de farmgateprijs) en een sterkere positie voor de boeren, een investeringsgarantie voor de lange termijn en betere kwaliteit en productiviteit: dankzij onderwijsprogramma’s wordt er nog maar 4% verspild.” Inmiddels kunnen ze ook de cacaoboter traceren.
Beste werkgever
Bij het kantoor in de Westergasfabriek hebben ze nu hun eigen winkel.
Ynzo: “We zijn ‘crazy about chocolate’ en ‘serious about people’. Ons team staat voorop. Jonge ouders krijgen een babybonus, je mag zoveel chocolade mee naar huis nemen als je kunt tillen, we ontbijten samen en zetten de discobol aan als we iets te vieren hebben.” In 2014 zijn ze door onderzoeksbureau Great Placet to Work uitgeroepen tot beste werkgever van Nederland. Hoe houden ze die waarden vast? Ynzo: “Met 35 mensen is dat te overzien. Het is ook aanvoelen en kijken hoe het matcht. We denken daarbij aan de ‘Van-test’: kan ik met deze persoon in een busje naar Maastricht op en neer, zonder de radio aan te zetten of hem of haar er bij Deurne er al uit te zetten?”
Mond-tot-mondreclame
De strategie van mond-tot-mondreclame is gebleven, maar ze zijn niet langer een ‘klein, kritisch clubje journalisten’. Ynzo: “We zijn nu het tweede chocolademerk van Nederland, zonder betaalde reclame in de media. We vertellen ons verhaal liever persoonlijk.” Ze willen elk jaar 50% groeien. “Winst is geen doel, maar een middel om wereldwijd overal slaafvrije chocolade te produceren. We zijn nu Cote d’Or voorbij en ons marktaandeel is inmiddels groter dan dat van Milka in Nederland.”
Er dreigen wel oogstproblemen. “Veel boeren zijn relatief oud, de cacaobomen ook. Hun kinderen zullen het niet snel van ze overnemen, maar de bomen kunnen vervangen worden. De klimaatverandering begint wel een probleem te worden.” Vorig jaar groeiden ze zo hard dat ze nauwelijks genoeg cacaobonen hadden. Ynzo: “Toen hebben we ook andere fairtrade-bonen gebruikt. Dat hebben we aan onze consumenten voorgelegd. En we zijn duurder geworden, omdat de cacao duurder is geworden.”
Waarom kiest Tony’s niet voor alleen voor de Wereldwinkel? Bij de supermarkt is het toch minder exclusief. Ynzo: “Dat is precies onze bedoeling. Hoe meer winkels het gaan verkopen, hoe beter. De Wereldwinkel en Albert Heijn hebben wel een paar recepten die we elders niet verkopen.” De doelgroep is heel breed. “Het gaat nu enorm snel. Zelfs nu.nl en Linda besteden er aandacht aan. Hele Facebookgroepen worden opgericht om bepaalde smaken te behouden.” In Ghana en Ivoorkust zijn de repen overigens niet verkrijgbaar, want “daar is het te warm en het is vaak ook de duur voor de consumenten”.
Houding
Is de houding van de grote spelers veranderd? “Ook producent Callebaut ziet nu dat het nut heeft”, meent Ynzo. “Het probleem van slavernij is verdwenen op onze corporaties. Maar dat zijn maar 5.400 boeren. Dus we hebben nog een hele lange weg te gaan. Callebaut is aan het meegaan, dat is een begin. We hopen dat ze niet alleen onze smaken kopiëren, maar ook onze werkwijze.”
Ynzo hoopt ten slotte ‘Chocolate Friends Forever (CFF’s)’ van ons te maken. “Nu je dit allemaal weet, ben je verantwoordelijk. Dus sta je in de winkel, denk dan na over wat je in je karretje legt. Want elke aankoop die je doet, heeft impact op de wereld waarin je leeft.”
Bernadet Timmer